Duurzame warmtevoorziening en energieopslag: uitdagingen en oplossingen

Tijdens een inspiratiebijeenkomst van de Freonen fan Fossylfrij Fryslân bij Freon Firda in Leeuwarden op woensdag 26 februari stond langetermijn-energieopslag centraal. Harm Beerda, Folkert Linnemans (Freon Bouwgroep Dijkstra Draisma) en Antoine Maartens (Urgenda) deelden hun expertise over dit actuele thema.

Plan Lievense

Spreker Harm Beerda ging in op Plan Lievense, een innovatief plan uit 1981 om energie op te slaan in het Markermeer, nadat het plan voor de inpoldering tot de Markerwaard destijds was afgeblazen. Beerda maakte deel uit van het team dat dit plan uitwerkte. Het betrof een Pomp Accumulatie Centrale-systeem (PAC) waarbij het meer zou dienen als een waterbuffer voor elektriciteitsopwekking. “Het idee was om het waterpeil te verhogen wanneer er een overschot aan stroom was, bijvoorbeeld op momenten dat windmolens veel energie produceerden maar de vraag laag was”, aldus Beerda. “Zodra de elektriciteitsvraag steeg en het aanbod beperkt was, kon het opgeslagen water worden gebruikt om turbines aan te drijven en zo stroom op te wekken. Dit concept was bedoeld als oplossing voor de schommelingen in de energieproductie van windmolens, die afhankelijk zijn van wisselende windsnelheden en niet altijd overeenkomen met de energievraag.”

Plan Lievense werd uiteindelijk niet uitgevoerd, en dat hoeft volgens Beerda tegenwoordig ook niet meer te gebeuren. “We moeten geen Pomp Accumulatie Centrale in Nederland aanleggen, maar voor onze energie goede betrekkingen onderhouden met de Noren. Die hebben een natuurlijke voorsprong op ons en passen het PAC-principe op grote schaal toe binnen hun energievoorziening.”

DreamHûs

Folkert Linnemans, onder meer verantwoordelijk voor Innovatie en productontwikkeling bij Freon Bouwgroep Dijkstra Draisma, ging in op DreamHûs. “DreamHûs is een initiatief gericht op het ontwikkelen en testen van betaalbare en duurzame oplossingen voor het verduurzamen van bestaande woningen in Nederland”, meldt Linnemans. “Het project is een samenwerking tussen WoonFriesland, Bouwgroep Dijkstra Draisma, The Green Village en De Bewonersraad Friesland. Op het terrein van The Green Village, gelegen op de campus van de TU Delft, zijn drie replica’s van jaren ’70 rijtjeswoningen gebouwd. Deze woningen dienen als proeftuin waar onderzoekers, studenten en ondernemers technieken en producten kunnen testen en evalueren, zoals thermische opslagsystemen. We passen binnen DreamHûs meerdere vormen van warmtebuffering – het opslaan van warmte om deze later te gebruiken – toe: op de lange termijn (seizoen), middellange termijn (weken) en dagbuffering (uren).”Tijdens de afgelopen 5 jaar heeft Linnemans meerdere lessen geleerd. Zo is de regeling van de systemen zeer belangrijk. Dagopslag is het eenvoudigst te realiseren binnen woningen, stelt hij. “Voor de netcongestie pakt batterijopslag echter niet per se voordelig uit, aangezien dit functioneert op basis van een prijsprikkel.”

Duinwijck Gasvrij!

Antoine Maartens van Urgenda sloot de bijeenkomst of door zijn ervaringen te delen over Duinwijck Gasvrij!, waar hij jarenlang projectleider was. “Op Vlieland is een collectief warmtesysteem opgezet om 39 woningen te voorzien van duurzame warmte”, vertelt Maartens. “Dit systeem combineerde zonnecollectoren met een ondergrondse warmtebuffer, waarin thermische energie werd opgeslagen voor later gebruik. Warm water, geproduceerd in de zomer, wordt zo gebruikt in de winter. De bedoeling is om de wijk uiteindelijk volledig gasvrij te maken, maar de implementatie bleek ingewikkeld door technische, bestuurlijke en financiële uitdagingen.” Hoewel het project potentie heeft, zorgen de hoge kosten en andere obstakels voor vragen over de haalbaarheid op grotere schaal. “Een simpelere oplossing met zonnepanelen en een warmtepomp was mogelijk effectiever geweest”, vervolgt hij zijn verhaal. “Toch zie ik potentieel voor een gasvrije toekomst als de technische problemen worden opgelost. Vereenvoudigen van systemen is de sleutel voor toekomstgerichte, kosteneffectieve energieoplossingen.” Maartens pleit dan ook voor een eenvoudiger en kostenefficiënter ontwerp voor toekomstige duurzame initiatieven.