Rekenen met de Freonen – door Frans Debets – editie 46: 'De netcongestie'

In de rubriek Rekenen met de Freonen deelt Frans Debets – speciaal voor de Freonen – zijn duurzame observaties. In deze editie legt Frans Debets uit dat netcongestie niet vooral wordt veroorzaakt door een groeiend stroomverbruik, maar door de theoretische vermogensruimte die netbeheerders moeten reserveren voor alle aansluitingen.

De netcongestie wordt inmiddels gezien als een crisis. Het beeld van de congestie wordt versterkt in de communicatie: “het net zit vol” of “er is een file op het net”. De oorzaak wordt vaak toegeschreven aan de snelle groei van de stroomvraag. Maar de stroomvraag groeit NIET, het verbruik is na een piek in 2008 (123 miljard kWh) al jaren minder dan 120 miljard kWh.

Wat is er dan wel aan de hand? Er zijn meerdere deelproblemen, ik werk er nu één uit…

Het aantal aansluitingen neemt elk jaar toe, zo werden in 2020 tot en met 2023 ruim 430.000 kleinverbruik-aansluitingen gerealiseerd én 30.000 publieke laadpalen én 14.500 grootverbruik-aansluitingen.

Credits afbeeldingen: Netbeheer Nederland

Verbruik in de praktijk

Elke aansluiting kan een maximale hoeveelheid ampères afnemen, bij de meeste huishoudens is dat 3×25 ampère, daarmee krijg je de beschikking over een vermogen van 18.000 Watt. Vrijwel niemand gebruikt dat, maar de netbeheerder houdt er rekening mee dat dat vermogen geleverd moet kunnen worden. Als er een groep nieuwe aansluitingen bij komt, bijvoorbeeld in een nieuwe woonwijk, mag de netbeheerder uitgaan van een fractie van de rekensom: aantal woningen x 18.000 Watt; hij weet dat het nooit voorkomt dat iedereen tegelijk zijn maximale vermogen gebruikt.

Slimmere grenzen voor vermogen

Maar het aantal nieuwe aansluitingen en de verzwaring van de bestaande aansluitingen blijft maar doorgroeien. De grenzen van het toelaatbare vermogen worden daarmee bereikt. De netbeheerder moet de hoge betrouwbaarheid van het net handhaven, daarom houdt hij vast aan een veilige limiet van het totale vermogen. Het probleem komt dus niet door groeiend stroomverbruik, ook niet door het feitelijk gevraagde vermogen, maar door de berekende theoretische vermogensvraag en de veiligheidsmarges die de netbeheerders daarbij aanhouden. Bij de grootverbruikers wordt al enige tijd een handige maatregel toegepast. Op basis van de gebruikscijfers wordt afgesproken wat het maximale vermogen is dat je mag afnemen. Dat is meestal (veel) minder dan wat er met de aansluiting mogelijk is. Een voorbeeld: een bedrijf heeft een aansluiting van 3*180 amp. Daarmee kan hij in theorie ruim 120 kW vermogen inzetten, maar in de praktijk komt hij nooit boven de 52 kW uit. Op basis van de gebruiksdata legt de netbeheerder dat het maximale vermogen 55 kW is. Zo wordt er ruimte gecreëerd door uit te gaan van reële cijfers en niet van statistische modellen.

Korting voor bewuste gebruikers

Dat zou bij huishoudens ook goed kunnen werken. De ruimte die 3*25 amp biedt is voor de meeste huishoudens overdreven groot. Ik heb een idee: geef elk huishouden €150,- korting als hij vastlegt dat hij nooit boven 9.000 Watt uitkomt. Dat kan best, als je een beetje oppast.

Kunnen de Freonen niet een proefproject met Liander starten met 1000 huishoudens die zich redden met 9.000 Watt?

Interessante links

Tennet over de netcongestie: Netcongestie | TenneT